Schaliegas onderzoek rammelt; een partiële methodologische analyse

picture 100Voorwoord
De onderbouwingen in de onderzoeksbijlage waarop het onderzoeksrapport is gebaseerd heb ik geanalyseerd. De methodiek die ik daarbij gevolgd heb is uitspraken en conclusies toetsen tegen de gebruikte literatuur, overige beschikbare data uit het veld en interne integriteit van de redeneringen. Dit is niet op een uitputtende wijze toegepast; een aantal mijns inziens in het oog springende methodologische tekortkomingen heb ik eruit gepikt.

Analyse Bijlage onderzoeksonderbouwingen

Bijlage 2; pagina 11.
De onderzoekers stellen hier: ‘In vergelijking met boringen naar andere energiebronnen kan niet op voorhand worden gezegd dat het boren naar schaliegas meer of minder kans op incidenten oplevert. Bij geothermieboringen doet zich bijvoorbeeld het verschijnsel voor van het meeproduceren van gas en soms olie, wat eveneens risico’s met zich meebrengt (expert judgement).’

Wie deze expert judgement heeft geuit en op basis van welke gegevens wordt niet nader gespecificeerd.

2.3 Subvraag 3 Methode van fracken; incidenten. Pagina 12.
De onderzoekers kiezen ervoor om een zeer klein aantal fracks die in Nederland zijn gedaan (geen schaliegas fracks) als uitgangspunt te nemen voor een constatering dat er zich geen incidenten hebben voorgedaan. De inductieve sprong op basis van die constatering dat er zich geen incidenten voordoen bij het frackproces kan niet gemaakt worden. De steekproef is niet representatief en appels worden met peren vergeleken.
Je zou hier een analyse van de hoeveelheid incidenten van horizontale schaliegas fracking verwachten die bekend zijn uit de VS met daarbij een weging van het gegeven dat het schaliegas zich hier dieper bevindt, dat de winning ervan lastiger is, maar ook in ogenschouw genomen de wet-en regelgeving met betrekking tot veiligheid van materialen en dergelijke.
In principe is voorgaande wetenschappelijk onverantwoord. Het niet wetenschappelijk getrainde oog concludeert hier abusievelijk uit dat het fracking onderdeel van het gehele winningsproces veilig is.

2. Opsporing en winning van schaliegas in Nederlandse omstandigheden.

2.1 pagina 5 Opsporing en winning van schaliegas in Nederlandse omstandigheden.
Dit hoofdstuk begint met ‘Schaliegas ontwikkeling is controversieel, deels door een gebrekkig begrip door publiek en gezondheidsbeambten met betrekking tot de mogelijkheid en grootte van geassocieerde gezondheid- en milieu- risico’s’

Deze constatering is gebaseerd op 1 rapport; namelijk dit rapport (pdf) dat de vorm van een survey had. Uit de survey is deze conclusie echter niet te trekken en dit wordt in de conclusies van de survey dan ook niet gedaan.

Vervolgens constateert men ‘Daarentegen zijn deze overwegingen en risico’s voor onconventionele schaliegas ontwikkeling en -productie niet significant anders dan voor ontwikkeling van conventionele koolwaterstoffen’.

Wederom wordt het niet getrainde oog hier op het verkeerde been gezet. De gemiddelde lezer zal hieruit concluderen dat de risico’s van conventionele gaswinning en schaliegaswinning zo goed als niet van elkaar verschillen. De aard van de overwegingen en risico’s is echter enkel vergelijkbaar, dit zegt echter helemaal niets over de kans dat een risico uitloopt op een incident noch over de impact.

In principe wordt hier de drogredenering van het autoriteitsargument gebezigd. De tegenstanders van schaliegaswinning worden weggezet als mensen met een gebrekkige kennis. Dit hoort niet in een onderzoeksrapport dat onafhankelijkheid pretendeert thuis.

2.2 pagina 9 ‘De winning van schaliegas is qua ontwerp van de locaties en qua uitvoering van de boring in veel opzichten gelijk aan winning vanuit conventionele reservoirs’

In vele opzichten ook niet gelijk. Dit is typisch sturend taalgebruik, een van de grootste verschillen zit bijvoorbeeld in het onder hoge druk met enorme hoeveelheden water injecteren van chemicaliën.

Pagina 10 ‘Kanttekening hierbij is dat langetermijnopslag van frack-vloeistof en formatiewater in deze open bassins niet is toegestaan in Nederland: reiniging van water uit gasputten is verplicht [ref. 15.]. Er wordt aanbevolen deze bassins zo in te passen dat meerdere boorlocaties gebruik kunnen maken van deze bassins (centrale proces locatie).’

Het lijkt alsof hier wordt aanbevolen bassins aan te leggen op basis van een opzet van Haliburton. Wat de aanleg van deze bassins qua risico’s voor de omgeving meebrengt wordt nergens getoetst. De aanbeveling is eenzijdig vanuit een door de industrie betaald onderzoek. Op generlei andere wijze is er relevantie voor het onderzoeksrapport.

2. Analyse pagina 13
‘Behandelingstechnieken zijn recent beschikbaar gekomen voor het recyclen en hergebruik van teruggewonnen flowback water (vraag B.1.1.4).

Wat wordt hier bedoeld? Het nieuwe Haliburton procedé? Daarop is namelijk nogal wat wetenschappelijke kritiek.

2. Analyse pagina 15
‘Gas dat niet naar een productielijn kan worden gestuurd tijdens flowback moet worden afgefakkeld om veiligheidsrisico’s te minimaliseren en luchtvervuiling (zie onderdeel B.3) te voorkomen [ref. 1.].’

Luchtvervuiling voorkomen is een rare formulering in deze, het affakkelen van gas veroorzaakt namelijk luchtvervuiling. Het is momenteel een heet hangijzer in de VS waar rond schaliegaslocaties door meerdere onderzoekers luchtvervuiling is gemeten die wordt gelinkt aan gezondheidsproblemen. Voor de Nederlandse situatie is die luchtvervuiling heel belangrijk gezien onze bevolkingsdichtheid.

pagina 16
‘Mogelijke lekkage van opgeslagen of getransporteerde vloeistoffen (geproduceerd water
en koolwaterstoffen) is het grootste risico op bovengrondse- en ondergrondse verontreiniging van het oppervlakte- en grondwater gedurende de lange termijn productiefase [ref. 1.].
Gebrekkige behandeling en lozing van geproduceerd water (en flowback water in mindere
mate) uit rioolwaterzuiveringen of industriële afvalwaterzuiveringen vertegenwoordigt een
risico van vervuiling van het oppervlaktewater. Deze risico’s zijn ook van toepassing bij
conventionele gasproductieactiviteiten.’

Met de laatste zin wordt een suggestie gedaan waarbij de lezer wederom zal denken dat er dus geen verschil in risico’s is tussen conventionele winning en schaliegaswinning. Dit is sturend en zegt ook wederom niets over kans maal impact. Bij conventionele fracking wordt immers maar maximaal 2% van de hoeveelheid vloeistof gebruikt als bij schaliegas fracking; alleen de afvoer daarvan al vormt een risico op vervuiling met een veel grotere kans dan bij conventionele winning. De vergelijking voldoet aan de kwalificatie van de drogredenering het vals dilemma. De vraag is immers niet of we in Brabant en de Noordoostpolder conventioneel naar gas gaan boren of naar schaliegas; de derde optie is helemaal niet boren.

Pagina 17
‘Vloeistoffen uit opslagtanks worden over het algemeen verwijderd met behulp van tankvrachtwagens voor transport naar raffinage of verwerkingsfaciliteiten. Tijdens laad- en losactiviteiten van opslagtanks kan luchtvervuiling ontstaan, als de tanks niet goed zijn uitgevoerd,
ontworpen of onderhouden. Deze risico’s zijn ook van toepassing bij conventionele
gaswinning.’

Ook hierop is exact dezelfde kritiek van toepassing als hierboven. Kans is vele malen groter door volume.

Pagina19
‘Flowback- en geproduceerd water kunnen worden hergebruikt om vers water en/of drinkwater gebruikt voor het hydraulisch fraccen aan te vullen gedurende de boor- en hydraulisch fraccen fases. Hiermee worden de kosten en milieueffecten geminimaliseerd in relatie tot vers watergebruik.’

De laatste zin is een mening op z’n best gebaseerd op een rapport van Haliburton. Er is ook te beargumenteren dat de exposure risico’s voor grondwater vergroot worden door toename van concentratie van chemicaliën zoals meerdere onderzoekers in het veld dan ook doen.

Pagina 23
‘De economisch haalbare productie van gas uit een bron duurt over het algemeen 10-30
jaar. Hierbij zullen drie stoffen naar de oppervlak stromen: aardgas (voornamelijk methaan), vloeibare koolwaterstoffen (bijvoorbeeld. condensaat, aardgas vloeistoffen of olie) en water.’

We missen hier het benoemen van de chemicaliën, specifiek missen we hier ook de radioactieve stoffen die uit de aarde zelf mee naar boven komen.

3.3 vanaf pagina 14. De klimaatafdruk van schaliegaswinning
‘Vanuit een analyse op basis van verschillen kan geconcludeerd worden dat de klimaatvoetafdruk van schaliegas in principe (i.e. zo goed als zeker) groter is dan die van conventioneel aardgas.’

Wat hier sterk opvalt is dat men al moet concluderen dat schaliegaswinning in principe een grotere klimaatvoetafdruk heeft dan conventionele winning terwijl in de analyse het gehele transportproces van afvalwater buiten beschouwing is gelaten. Daarnaast heeft men minder gewicht toegekend aan de studie met de slechtste resultaten voor schaliegaswinning door een tijdsspanne van 100 jaar te kiezen in plaats van de 20 jaar in die specifieke studie.
Wat nog sterker opvalt is dat de onderzoekers vervolgens meteen in de volgende alinea met een beheersmaatregel komen, waarbij zoals eerder besproken het affakkelen dus gelieerd wordt aan negatieve gezondheidseffecten. De grotere klimaatvoetafdruk wordt door het meteen benoemen van een beheersmaatregel meteen gebagatelliseerd.

1.3 Risico’s en beheersing; Aanpak pagina 2.
‘Een betrouwbare uitspraak over kansen en effecten zou moeten berusten op de ervaringen
bij ongevallen tijdens schaliegas activiteiten. Het aantal ervaringsjaren met schaliegas activiteiten zou echter te klein kunnen zijn voor betrouwbare analyses van ongevallen: er zijn mogelijk te weinig ongevallen gebeurd of goed geregistreerd om te kunnen beoordelen hoe waarschijnlijk herhaling is. En dan moeten tevens de omstandigheden van ongevallen uit het verleden overeenkomen met de omstandigheden waarmee wij in Nederland te maken zullen hebben: zo zullen bij een ongeval 15 jaar geleden in de Verenigde Staten waarschijnlijk andere methoden en chemicaliën gehanteerd zijn dan bij mogelijke toekomstige winning in Nederland. Wat in het verleden is gebeurd zal zich daarom niet altijd kunnen herhalen. De kans zou veel kleiner kunnen zijn. Voor het verkrijgen van houvast bij de inschatting van de risico’s is het daarom onvermijdelijk om terug te vallen op de ervaringen van vergelijkbare exploratie en productieactiviteiten voor conventionele gaswinning. Bij het gebruik van deze ervaringen dient echter altijd beschouwd
te worden in hoeverre de omstandigheden verschillen van omstandigheden bij
schaliegas activiteiten.’

Er wordt op grote schaal schaliegas gewonnen in de Verenigde staten, er zijn nogal wat onderzoeksgegevens voorhanden; ook meer dan voldoende recente gegevens, toch kiezen de onderzoekers er bewust voor een risico analyse op basis van conventionele exploratie activiteiten te ondernemen en op basis daarvan een soort inductieve sprong naar risico’s van schaliegaswinning te doen.
Ze wekken hiermee de suggestie dat schaliegaswinning in Nederland grotere simulariteit vertoont met conventionele gaswinning dan met schaliegaswinning in de Verenigde staten. Deze aanname is nergens onderbouwd en gezien het procedé van de verschillende vormen van winning foutief.

3. Analyse pagina 5
‘De Amerikaanse overheid voert op dit moment onderzoek uit naar ongevallen waarbij gevaarlijke
stoffen in het drinkwater terecht zijn gekomen of terecht hadden kunnen komen [ref. 1.]. In dit onderzoek wordt onder andere een aantal federale incidenten- en overtredingsdatabanken
geanalyseerd om de risico’s op drinkwatervervuiling in kaart te brengen.
Het onderzoek is nog gaande. Er zijn nog geen onderzoeksresultaten gepubliceerd. Een
concept rapport met resultaten wordt verwacht december 2014.’

Deze wijze van formuleren is misleidend omdat onder andere de EPA in 2011 al een draft (pdf) heeft gepubliceerd van onderzoeksresultaten waaruit zij concludeerden dat schaliegaswinning en grondwatercontaminatie aan elkaar gelinkt zijn.

Daarnaast toont recent onderzoek van 141 samples van drinkwater bronnen rond de Marcellus shale velden in de VS dat in 81% van de samples methaan werd gemeten met een concentratie dat gemiddeld zes maal hoger lag voor huizen binnen een straal van 1 kilometer van de boorputten.
Er is dus voor gekozen deze informatie te negeren.

4. Conclusies, pagina 11
‘De opsporing en winning van schaliegas brengt vergelijkbare risico’s met zich mee als de
exploratie en productie van conventioneel gas. Dit geldt zeker voor de acute gezondheidsrisico’s
voor de mens’

Deze eerste zin wordt niet alleen niet ondersteund door beschikbaar onderzoek, maar strookt ook niet met de rest van de tekst van de eigen conclusie. De tweede zin met betrekking tot acute gezondheidsrisico’s is gebaseerd op de aanname dat er geen onderzoek op schadelijke effecten op de gezondheid beschikbaar zou zijn, alsmede op de aanname dat het schaliegas fracking procedé niet wezenlijk verschilt van het procedé rondom conventionele winning. In principe is dit een klassieke cirkelredenering en dus wetenschappelijk onverantwoord. Er is wel degelijk onderzoek beschikbaar; ik noem er hier 5.
• McKenzie LM, Witter RZ, Newman LS, Adgate JL. ‘Human health risk assessment of air emissions from development of unconventional natural gas resources.’ Elsevier 2012 May
• Ethylene Glycol Monobutyl Ether (EGBE; 2-Butoxyethanol; CASRN 111-76-2).” EPA (Environmental Protection Agency), 31 Mar 2010. Web, 25 Apr 2013.
• Colborn, Theo, Carol Kwiatkowski, Kim Schultz, and Mary Bachran. “Natural Gas Operations from a Public Health Perspective.” Human and Ecological Risk Assessment: An International Journal 17.5 (2011): 1039-056. Web.
• Colborn, Theo, Kim Schultz, Lucille Herrick, and Carol Kwiatkowski. “An Exploratory Study of Air Quality near Natural Gas Operations.” Y Human and Ecological Risk Assessment (n.d.): 1–22. Print.
• Wilson, Jewell D; Fransen, Margaret E; Llados, Fernando; Singh, Mona; Diamond, Gary L, Toxicological profile for methylene chrolide (print), Rep. Atlanta,GA: Agency for Toxic Substances and Disease Registry.
En dan zijn er nog de case studies die de Directeur van de U.S. Agency for Toxic Substances and Disease Registry (ATSDR) and the National Center for Environmental Health, Christopher Portier voldoende aanleiding gaven voor het statement: “In some communities it has been a disaster,” Het leidde er ook toe dat de EPA al in 2011 nieuwe regels voorstelde omdat naar hun eigen zeggen het risico op voornamelijk kanker te groot was onder de bestaande regels.
Probleem met het bewijzen van causale verbanden is dat in de VS de bedrijven niet aan te hoeven geven welke chemicaliën ze gebruiken, want dat zou gevoelige informatie zijn voor concurrenten. Portier geeft dan ook aan dat een landelijke studie naar gezondheidseffecten nodig is, maar dat hier geen geld voor wordt vrijgemaakt.

.
3. 3.1 Boorgatintegriteit en risico’s; conclusies. Pagina 12
Zeer opmerkelijk in de conclusies is het ontbreken van de grootschalige rapporten van Drilling bedrijf Archer en het gezamenlijke rapport van het grootste fracking bedrijf ter wereld Schlumberger en ConocoPhillips. In het eerste rapport is de conclusie van de industrie zelf dat 20% van alle gas- en olieputten wereldwijd lekt. In het rapport van Schlumberger is de conclusie zelfs 60% over een tijdsspanne van 30 jaar gemeten.

Bronnen onder andere: Southwestern Energy, PowerPoint Presentation on Wellbore Integrity; Schlumberger, Oilfield Review, Autumn 2003; Archer, “Better Well Integrity,” PowerPoint presentation (2011); Theresa Watson et al., “Evaluation of the Potential for Gas and CO2 Leakage along Wellbores,” American Society of Engineers, March 2009; Maurice Dusseault et al., “Why Oil Wells Leak: Current Behavior and Long-Term Consequences,” SPE International (2000); Colorado Oil and Gas Conservation Association, “2010 Report to the Water Quality Control Commission” (2010).
Het weglaten van deze resultaten en de aantekening daarbij dat de industrie zelf aangeeft dat het compleet voorkomen van lekken een technische onmogelijkheid is, is een cruciale tekortkoming in dit rapport. Gezien het feit dat schaliegaswinning een nog grotere aanslag is op het boorgat dan in conventionele winning is de kans op een lek dus zeer groot. Een opsomming van allerlei beheersmaatregelen die je hiertegen kunt nemen zonder dit risico te onderkennen is onvoldoende.

2. Analyse pagina 3 Mitigatie risico’s
In dit onderdeel wordt dus doorgeborduurd op de eerdere conclusies dat het met boorgatintegriteit wel snor zit indien personeel goed oplet en er goed gemonitord wordt. Dit strookt dus niet met de bevindingen van de industrie zelf.

Tot slot
Het ontbreken van een fatsoenlijke analyse van radioactieve stoffen die met het afvalwater diep uit de bodem mee terugkomen zoals onder andere radium- 226. In het rapport wordt aangegeven dat deze stof wel wordt aangetroffen in de VS en Duitsland, maar dit niets zegt over de Nederlandse situatie. Vervolgens beweert men dat indien het onderdeel uitmaakt van het flowbackwater goede casing de risico’s van contaminatie van drink-en grondwater ondervangt.

Dit is wederom een cirkelredenering. De industrie concludeert immers zelf al dat 20 tot 60% van alle boorputten lekt. Daarnaast wordt ook wederom aangehaald dat radium-226 ook tijdens conventionele boringen een effect kan hebben, hierbij wordt echter niet vermeld dat de volumes bij schaliegaswinning een veelvoud zijn, alsmede wordt er geen melding van gemaakt dat het afvoerproces van deze grote hoeveelheden afvalwater gecontamineerd met hoge concentraties radioactieve stoffen zoals gedocumenteerd in de VS een veel groter risico is gezien de grotere kwantiteit aan vrachtwagen bewegingen.

De economische rechtvaardiging ontbreekt eveneens. Winstverwachtingen worden ook in de VS continu bijgesteld en de schaliegashype lijkt daarmee over zijn hoogtepunt heen. Daarbij moet nog opgemerkt worden dat schaliegaswinning zwaar gesubsidieerd is in de VS alsmede dat er allerlei wet-en regelgeving is aangenomen waarmee de industrie bijvoorbeeld niet hoeft aan te geven welke chemicaliën er gebruikt worden en de industrie is gevrijwaard van aansprakelijkheid voor contaminatie van drinkwater.

Getagd . Bladwijzer de permalink.

Geef een reactie