“Ministers trekken zich weinig aan van het recht”

Heersend proefschrift heerst!

IvoOUit het voorwoord: Dat in ons land jaarlijks ruim 2500 proefschriften verschijnen, stemt een promovendus tot bescheidenheid. Dit gevoel kan hij temperen door de kring geografisch en disciplinair te verkleinen tot de 20 proefschriften die jaarlijks binnen de Leidse rechtenfaculteit tot stand komen. Dit aantal roept de vraag op of juristen wel weten hoe aantrekkelijk het schrijven van een proefschrift is. Na de afsluiting ervan kan ik mij vinden in de titel van de publicatie waarin oud-promovendi uit de Meijers-reeks terugblikten: ‘Ik zou het zo weer doen.’ Toch resteert enige bescheidenheid, die tot uiting komt door dit promotie-onderzoek aan te duiden met de term ‘verkenning’. Wat met deze studie in beeld is gebracht en verklaard over rechtsrelativering bij de overheid is te beschouwen als een agendering van dit fenomeen en niet als het laatste woord erover.

Het oordeel van Recht.nl: “Al langer spreken juristen het vermoeden uit dat de overheid zich weinig aantrekt van het recht. Peter van Lochem concludeert in zijn proefschrift dat er inderdaad sprake is van dergelijke rechtsrelativering. Ministers nemen regelmatig afstand van de rechtsnormen die besluiten in de weg staan. Dat er sprake is van rechtsrelativering bij de overheid blijkt onder andere uit de opvatting van wetgevingsjuristen dat negatieve adviezen van de Raad van State niet per definitie als beletsel hoeven te gelden.”